Vanaf
1860 werd het mode in alle Hollandse steden om kunstbeschouwingen
voor de gegoede burgerij te organiseren.Deze kunstbeschouwingen waren
een middel om het kunstenaarsgenootschap onder de aandacht van de
burgers te brengen en het leverde tevens inkomsten op omdat de burgers
toegang noesten betalen. Kunsthandelaren en particulieren konden bij
deze bijeenkomsten mappen verkopen gevuld met eigentijdse tekeningen
en grafiek. Tijdens de bijeenkomst zaten de bezoekers aan een tafel
en werden de tekeningen door gegeven. Later werden de tekeningen op
lessenaars uitgestald omdat de tekeningen teveel te leiden hadden.
De belangrijkste handelaren die regelmatig mappen aanboden waren Buffa
en zonen ( Amsterdam), Goupil&Co ( Den Haag) en J.F van Loenen
( Rotterdam).
De laatste kunstbeschouwing vond plaats in 1886. Ars kocht in de periode
1860-1886 meestal losse tekeningen en in een enkel geval een complete
map. Ars was niet in staat veel geld uit te trekken voor de aankoop
van tekeningen gezien de beperkte financiële middelen waarover
het genootschap beschikte. Daarom zijn er weinig topstukken in de
collectie, op een enkele uitzondering na. In de |
|
|

In 1994, ter gelegenheid
van het 300 jarig bestaan van de vereniging, heeft het Stedelijk museum
de Lakenhal een deel van de collectie tekeningen tentoon gesteld.
Het museum heeft een boekje uitgegeven onder de titel "Tekeningen
van Ars Aemula Naturae Leidens oudste ekengenootschap".
In dit boekje staan alle inventaris nummers opgenomen. |
|